mei
23

Aktueel april

ondergrondse parking hopmarkt : ja en hoe vlugger hoe liever

heraanleg plein hopmarkt en botermarkt : ja en hoe vlugger hoe liever

 hoogbouw in het midden van het nieuw aan te leggen plein (en dan nog op openbaar domein) : neen

 Zo niet worden de volksraadplegingen van 2005 en 2006 straal genegeerd

 en in dat geval moet het stadsbestuur in het kader van openbaarheid van bestuur aan de bevolking toch minstens meedelen voor wie deze lucratieve inplanting eigenlijk bedoeld is…

mei
20

Werken aan sportinfrastructuur lastens de stad Aalst

De aanwending van gemeenschapsgelden voor private  sportverenigingen is een oud zeer dat reeds heel wat problemen veroorzaakt heeft en waarvoor, ondanks alles, nog steeds geen passende oplossing kon worden gevonden.

 Het is begrijpelijk dat een lokaal bestuur wil inspelen op de goede sportieve resultaten van zich op haar grondgebied bevindende sportverenigingen; zeker als het om belangrijke volkssporten gaat. Anderzijds moet hierbij steeds rekening worden gehouden met het principe van de goede huisvader, met alle gevolgen van dien.

 De stad Aalst heeft ter zake in het verleden reeds heel wat probleemdossiers gekend (denk maar aan de problemen in de jaren ’90 met het toenmalige Eendracht en het ter ziele gegane Okapi). Dit heeft de belastingbetaler toentertijd tientallen miljoenen BEF gekost.

 Een verwittigd bestuur is er dan ook twee waard. Op vrijdag de dertiende pakte de schepen van openbare werken met veel vertoon uit met de melding dat de stad Aalst belangrijke werken aan het Pierre Cornelisstadion voor eigen rekening zou nemen cfr. het inspectieverslag van Binnenlandse Zaken. Er was zelfs sprake van het onmiddellijk opstarten van de werken.

 Uit enig onderzoek blijkt echter dat deze schepen haar open doekje zelf heeft gecreëerd (iedereen van het CBS moet blijkbaar eens om de beurt in de spotlights staan), alhoewel inspraak, transparantie en democratie hun respectieve rechten hebben. Immers, uit hetzelfde onderzoek blijkt dat dit dossier (met bijhorend de te voorziene uitgaven) noch als zodanig als agendapunt in het CBS werd besproken, noch in commissie, noch in de gemeenteraad. Deze werken zouden ook niet als zodanig in de lopende begroting zijn voorzien.

 Het gaat hier dus niet om het principe dat een lokaal bestuur al of niet beslist om bepaalde verenigingen (die  gebruik maken van gehuurd stadspatrimonium) qua accommodatie met gemeenschapsgelden te steunen, maar wel om het besluitvormingsproces dat naar dergelijke beslissingen moet leiden. Zelfs in openbare dossiers waar de tijd  dringt, moet een stadsbestuur de nodige assertiviteit aan de dag leggen om de spelregels en wettelijke principes na te leven.

 Zeker wanneer men weet dat ook Aalstar (basketbalclub dat het Forum huurt) geen nieuw stadion meer plant, maar aan de stad dringend vraagt om de nodige uitbreiding van de bestaande accommodatie op zich te nemen en te financieren. Wat men voor de ene doet, moet men in Aalst blijkbaar ook voor de andere doen.

 In plaats van een persmoment met foto’s, beloftes en alle nodige toeters en bellen, dient het stadsbestuur eerst en vooral dringend werk te maken van globale, transparante dossiers waaromtrent de bij de wet voorziene besluitvorming wordt gevolgd en die aldus ook door de bevolking op een normale wijze kunnen opgevolgd worden. Vandaar volgende vragen :

 1)      Werden de dossiers Eendracht Aalst en Aalstar reeds qua  beslissingen besproken in CBS, Commissie en/of Gemeenteraad? Zo ja, op welke agenda en wanneer?

 2)      Werden deze geplande en/of te plannen uitgaven al of niet in de lopende begroting voorzien? Zo ja, onder welke post(en)?

 3)      Heeft het CBS enig idee van de uiteindelijke bij kwestieuze werken horende uitgaven en bestaat hieromtrent een verdeelsleutel tussen de stad en de sportverenigingen?

 4)      Wanneer werden/worden deze werken gepland en op welke wijze worden ze kenbaar gemaakt?

mei
17

Siesegemkouter

 Vooreerst wil ik voor alle duidelijkheid stellen dat ik het dossier als zodanig nog niet in extenso heb kunnen doorgronde, maar in onderhavige open brief gaat het vooral om de problematiek in verband met het principe dat dit voor de stad Aalst uitermate belangrijke bedrijf geen uitbreiding op het geplande industrieterrein Siesegem zou kunnen krijgen.

 Zoals gewoonlijk, blijf ik als geëngageerd politicus en  wakkere burger in elk dossier strikt neutraal en gaat het mij alleen maar om het gevoerde beleid, het belang van de stad en de door het stadsbestuur gehanteerde criteria.

 Dat de groep Jan De Nul voor stad en regio een zeer belangrijk bedrijf is, hoeft geen betoog. Dit geldt zowel voor de nationale en internationale uitstraling van de stad, als voor de lokale economie, als voor belangrijke tewerkstelling, als voor even belangrijke investeringen. Het is dan ook vrij eigenaardig dat het stadsbestuur zich om zogezegd louter principiële redenen tegen de vestiging van deze groep op het nieuwe industrieterrein aan de Siesegemkouter verzet (terrein dat het laatste decennium nooit uit het nieuws en uit de belangenvermenging is geweest).

 Ik herhaal dus dat ik mij hoegenaamd niet uitspreek over de techniciteit van een dossier, noch om de sociale en economische dimensie ervan; zeker indien men weet welke zogenaamde bedrijven wél door het stadsbestuur als te verwelkomen worden aanzien. Bij mij gaat het in onderhavig dossier louter om het zoveelste bewijs van twee maten en twee gewichten, waarmee dit stadsbestuur om de haverklap meent te moeten meten.

 Om dit te bewijzen, verwijs ik naar een gelijkaardig dossier dat ik toentertijd als lid van de gemeente-raad van de stad Aalst mee heb opgevolgd en behandeld. Ook toen heb ik het dossier Tupperware even kritisch benaderd. Dit bedrijf voldeed cfr. de door de gemeenteraad voordien in een besluit vastgelegde criteria en principes niet aan enkele zeer cruciale voorwaarden om zich op het industrie-terrein Wijngaardveld II te kunnen vestigen. Ook toen speelden in hoofdzaak de vastgelegde criteria van bijkomende tewerkstelling een rol.

 Het toenmalige stadsbestuur, waarvan het huidige een levendige exponent is, heeft toen de eigen principes op non-actief gezet en een uitzonderlijk besluit genomen teneinde Tupperware, ondanks de vastgelegde regels, toch het gevraagde aantal hectare bedrijfsgrond te laten verwerven teneinde zich aldaar te herlokaliseren. Het stadsbestuur deed dit, omdat de groep Tupperware er mee had gedreigd de activiteiten uit Aalst weg te trekken en een locatie buiten de regio te zoeken.

 Er is dus een duidelijk, belangrijk en bewezen precedent dat het stadsbestuur om de weinige grote bedrijven die de stad nog op zijn grondgebied huisvest te behouden, mits het casus per casus aanpassen van de vastgelegde criteria.

 Stelt men zich even voor dat de groep De Nul hetzelfde dreigement zou uiten als destijds Tupperware en de bestuursmeerderheid zou zich de benen van onder het lijf lopen om dit te verhinderen, zelfs al zou het volledige gemeenteraadsbesluit, dat destijds deze criteria heeft vastgelegd, moeten sneuvelen.

 Dus zonder in de diepte van het dossier te gaan, wil ik het stadsbestuur wel wijzen op de door haarzelf in de loop der tijden in gelijkaardige gevallen genomen beslissingen. Bezin dus eer ge begint! Motiveer dus dergelijke beslissingen teneinde naderhand onoverzichtelijke gevolgen te vermijden en/of het verwijt te krijgen in gelijkaardige dossiers onderscheiden beslissingen te treffen.

mei
01

Aktueel mei

Waar Aalst nood aan heeft, weten omzeggens alle Aalstenaars reeds jaar en dag.

 Het stadsbestuur meende echter inzake citymarketing het bureau BRO een dure studie te moeten laten uitvoeren om dus finaal te weten wat iedereen reeds lang weet :

 “Aalst heeft een zwak profiel en een gebrek aan uitstraling.”

 Zwaktes zijn een oubollig imago, gebrek aan politieke eensgezindheid inzake beslissingen en een zeer trage besluitvorming. De sterkte is dan blijkbaar “Aalst als zorgstad”, maar dat heeft uiteraard meer te maken met de uitstraling op medisch vlak, dan met de uitstraling van Aalst als centrumstad.

 Stop de studie van de studies! Aalst heeft nood aan visie, beleid, durf, daadkracht, invloed en middelen.

apr
15

Aktueel

ZOMER 2011 IN AALST :

Geen “Villa Vanthilt”

Geen “zomerstrand” langs de Dender

Geen “Vlaanderen Muziekland”

WAT DAN WEL?

apr
01

Aktueel HOPMARKT

ondergrondse parking hopmarkt : ja en hoe vlugger hoe liever

heraanleg plein hopmarkt en botermarkt : ja en hoe vlugger hoe liever

 hoogbouw in het midden van het nieuw aan te leggen plein (en dan nog op openbaar domein) : neen

 Zo niet worden de volksraadplegingen van 2005 en 2006 straal genegeerd

 en in dat geval moet het stadsbestuur in het kader van openbaarheid van bestuur aan de bevolking toch minstens meedelen voor wie deze lucratieve inplanting eigenlijk bedoeld is…

 

mrt
31

Kunstwerk Roland Monteyne

Uiteraard verwijs ik vooreerst dringend en formeel naar mijn oorspronkelijke open brief met probleemstelling ter zake dd. 17/08/09, waarop ik destijds van uwentwege geen antwoord en/of reactie mocht ontvangen. Verder verwijs ik ook naar mijn latere open rappel dd. 23/11/10, waarop ik alsdan van het stadsbestuur voor de eerste maal een gedeeltelijk dienstig antwoord dd. 28/12/10 mocht ontvangen, wel met volgende bedenkingen;

 Het antwoord werd niet verstrekt door het CBS, maar wel door de conservator van het stedelijk museum (meer dan 14 maanden na de eerste vraagstelling), zonder dat diens machtiging ter zake op het briefhoofd vermeld staat.

  1. Het antwoord wordt niet, zoals decretaal verplicht, uitgestuurd door en ondertekend de burgemeester en de stadssecretaris, hetgeen tot op heden in alle andere dossiers was/is.
  2. Op 28/12/10 werd aldus onrechtstreeks door het CBS een toch vrij opmerkelijk te aanvaarden uitleg verschaft, alsof het stadsbestuur bijna anderhalf jaar heeft gezocht naar het ineenpassen van puzzelstukken, alvorens de laattijdige uitleg te verschaffen.
  3. Ok, de uitleg was wat hij was en ik nam daar tot nader order en onder alle voorbehoud genoegen mee.

 Wat mij evenwel verbaast, is het feit dat er, meer dan drie maanden na het antwoord van de conservator, nog steeds geen begin van terugplaatsing van kwestieus kunstwerk te bespeuren valt. Op 28//12/10 stelde de conservator nochtans : “Intussen werd het beeld gerestaureerd en bevindt zich nu, in afwachting van de terugplaatsing, veilig in de reserve van het Stedelijk Museum. Hiertoe dient de weggebroken sokkel immers opnieuw aangemaakt te worden (ter plaatste te metselen).”

 Dus het kunstwerk is reeds maanden gerestaureerd en kon dan ook reeds maanden op de daartoe ingerichte plaats (pleinverbinding Lange en Korte Zoutstraten) worden teruggeplaatst. Het ter plaatse metselen van de door de stad Aalst zelf weggebroken sokkel door de stadsdiensten kan toch geen maanden in beslag nemen. Vandaar mijn dringend verzoek namens de omwonenden en bezoekers van voormelde winkelstraten om hiertoe dan ok per kerende over te gaan.

Tenslotte had ik ook graag de huidige venale kunstwaarde van dit voor het kunstpatrimonium van de stad belangrijke kunstwerk ter kennis gekregen, omdat de conservator in zijn brief stelt dat het beeld in 1994 werd aangekocht voor een bedrag van 500.000 BEF (€ 12.500), zijnde blijkbaar een fractie van de huidige waarde.

Read the rest of this entry »

mrt
31

Geplande veiligheidscamera’s

Uiteraard verwijs ik vooreerst naar mijn vroegere tussenkomsten en uw dito antwoorden in het kader van de plaatsing van veiligheidscamera’s op de openbare weg en/of aan openbare gebouwen. Steeds heb ik hierbij een lans gebroken in verband met de eerbiediging van de privacy van de bewoners (in hun panden en op de openbare weg) en van de bezoekers (op bezoek in panden en/of op de openbare weg).

 Immers, toentertijd was er een terechte polemiek omtrent het feit dat bij bepaalde plaatsing van veiligheids-camera’s er tegelijkertijd sprake kon zijn inkijk in huizen en gebouwen. Het stadsbestuur heeft mij op dat ogenblik de garantie gegeven dat bij de plaatsing van camera’s met dit aspect zeker rekening zou worden gehouden. Tegelijkertijd wees ik het stadsbestuur op het gevaar dat óók op de openbare weg de privacy van diegene die zich op de openbare weg bevinden, wel degelijk zou kunnen worden geschonden.

 Thans opteert de gemeenteraad jaren na datum blijkbaar opnieuw voor het aanbrengen van een batterij veiligheidscamera’s waarbij er in eerste instantie sprake is van de Grote Markt en de Varkensmarkt. Het valt wel op dat er geen sprake meer is van bijkomende camera’s langsheen de her aan te leggen Hopmarkt.

 De behandeling van dit punt in de Aalsterse gemeenteraad leidde in tussentijd reeds tot hilarische toestanden, waarbij in openbare zitting zelfs weddenschappen omtrent het al of niet tijdig plaatsen van veiligheidscamera’s werden gesloten. De huidige voorman van de nieuwe lokale partij AAB wenst uiteraard vanuit programmatorisch standpunt niets liever dan dat er overal zoveel mogelijk veiligheidscamera’s zouden worden geplaatst, terwijl ondergetekende daar zeker geen voorstander van is.

 Ik herhaal dan ook bij deze open en bloot mijn verzoek aan het stadsbestuur om bij de opmaak van de offerte, de toewijzing ervan en in fine de effectieve plaatsing van veiligheidscamera’s telkens de nodige maatregelen te voorzien dat kwestieuze camera’s eerstens geen zichten in gebouwen kunnen nemen en tweedens de privacy van de mensen onder geen enkel beding moge schenden.

mrt
30

STADSBESTUUR ONDERZOEKT AANKOOP VAN HET PUPILLENCOMPLEX!”

En ook in het dossier van het nieuwe stadhuis, waar de huidige bestuursmeerderheid al jaren naar op zoek is, blijft de vaudeville maar voortduren. Dit is letterlijk en figuurlijk te gek om los te lopen. In de loop van 2005 werd dit complex door de Regie der Gebouwen van de Federale Overheid op de lijst van te verkopen openbare gebouwen geplaatst. 

Onmiddellijk heb ik het toenmalige stadsbestuur (CBS en gemeenteraad) gewezen op de enorme opportuniteit om dit onroerend goed, uitermate centraal gelegen en rechtstreeks palende aan het stadhuis en bijhorende parking, tegen een zeer gunstige prijs aan te kopen. Ik heb dan ook én als politicus én als wakkere burger destijds zeer tijdig de kat de bel aangebonden. Dit moge ten andere blijkbaar uit de aan onderhavige persmededeling gehechte bijlagen, waarvan de inhoud voor zichzelf spreekt.

Of het nu was voor de uitbreiding en renovatie van het bestaande stadhuiscomplex, dan wel voor een andere bestemming, feit was, is en blijft dat de stad Aalst een uitermate belangrijke en voor de bevolking lucratieve aankoop kon verrichten. Immers, de vooropgestelde aankoopprijs, rekening houdende met de contractuele zekerheid dat de Belgische Staat ook ná de aankoop nog gedurende jaren zware huurgelden aan de nieuwe eigenaar diende te betalen, zou zeker ondermaats en voordelig zijn geweest, hetgeen naderhand door de feiten werd bewezen.

Het stadsbestuur liet andermaal lukraak de kans voorbijgaan en liet het geschenk in handen van een speculant-aankoper die het ganse waardevolle complex (gebouwen en gronden) aldus kon en mocht aankopen tegen een prijs van slechts 7,8 miljoen euro, terwijl hij bij de aankoop de contractuele zekerheid kreeg dat de Belgische Staat hem nog minstens 4,5 miljoen euro voor drie jaren huur diende terug te betalen. Meer nog, toen stond reeds vast dat de verhuis van de federale administraties naar een nieuw complex zeker niet binnen de drie jaar na kwestieuze verkoop kon gebeuren, zodat de verhuurtermijn nogmaals met bijna drie jaar diende te worden verlengd, hetzij nogmaals inkomsten en bedrag van 4 à 5 miljoen euro. Als dit geen koopje is!

Het stadsbestuur heeft deze kans gewoon – de redenen hiertoe blijven blijkbaar strikt geheim – laten voorbijgaan, met alle gevolgen van dien. En nu, klap op de vuurpijl, komt rode schepen Casaer lukraak vertellen dat de stad het dossier van De Pupillen nog een kan wil geven. Meer nog, hij voegt er namens het CBS zelfs aan toe dat de vraagprijs van de koper-speculant tussen de 9 en 11 miljoen euro zou liggen. Een kleine rekensom : de makelaar koopt voor minder dan 8 miljoen, rijft achteraf meer uurgelden binnen als hij voor het pand heeft betaald en vraagt nu, amper enkele jaren later, miljoenen euro’s meer dan de toenmalige aankoopprijs.

En dit alles wil het stadsbestuur nu nog eens onderzoeken. Diezelfde schepen voegt er ook nog aan toe dat een stadhuis op het Pupillencomplex niet minder dan 90 miljoen euro zou bedragen. Het is anderzijds ook wel een fabeltje als schepen Casaer, voorstander van een stadhuis op de site De Post, voorhoudt dat dergelijke inplanting “slechts” 20 à 25 miljoen euro zou kosten. Geloof me vrij, dergelijke infrastructuur zal finaal minstens 50 miljoen euro kosten, zonder dan nog te spreken van de intresten, die blijkbaar over 38 jaar zouden worden gespreid.

De toenmalige burgemeester, Anny De Maght, heeft in de legislatuur 1984-1994 een uitzonderlijke mogelijkheid, namelijk de aankoop van de site Generale Bank langsheen de Kwalestrraat, gedwarsboomd en dit omwille van één reden, namelijk dat het dossier in het toenmalige schepen Bogaert werd aangebracht. Ok, gedane zaken nemen geen keer, maar de geschiedenis heeft ook haar rechten.

Het vorige stadsbestuur heeft dan in de legislatuur 2000-2006 op haar beurt een andere unieke kans aan haar laten voorbijgaan, namelijk de lucratieve aankoop mét winst van het huidige Pupillencomplex. Om dan verder ook nog te zwijgen van andere verkwanselde kansen, zoals bijvoorbeeld de niet-aankoop van de vroeger zetel van de Kredietbank, eveneens rechtstreeks palende aan het huidige stadhuiscomplex.

De vroede vaderen en moederen van de stad Aalst gaan zich eind april e.k. op de volgende gemeenteraad in hun wijsheid nog maar eens buigen over waar het nieuwe stadhuis van de stad Aalst zou moeten komen en niet in het minst tegen welke prijs, die per definitie door de belastingbetalende inwoners van de stad zal worden opgehoest. In elk geval, de stad Aalst heeft zelden model gestaan voor een beleid van de bonus pater familias, terwijl het in Aalst nu al sinds 1989 opeenvolgend een bona mater familias, hetgeen in de realiteit evenwel weinig verschil uitmaakt.

mrt
30

TE GEK OM LOS TE LOPEN : “STADSBESTUUR ONDERZOEKT AANKOOP VAN HET PUPILLENCOMPLEX!”

En ook in het dossier van het nieuwe stadhuis, waar de huidige bestuursmeerderheid al jaren naar op zoek is, blijft de vaudeville maar voortduren. Dit is letterlijk en figuurlijk te gek om los te lopen. In de loop van 2005 werd dit complex door de Regie der Gebouwen van de Federale Overheid op de lijst van te verkopen openbare gebouwen geplaatst. 

 Onmiddellijk heb ik het toenmalige stadsbestuur (CBS en gemeenteraad) gewezen op de enorme opportuniteit om dit onroerend goed, uitermate centraal gelegen en rechtstreeks palende aan het stadhuis en bijhorende parking, tegen een zeer gunstige prijs aan te kopen. Ik heb dan ook én als politicus én als wakkere burger destijds zeer tijdig de kat de bel aangebonden. Dit moge ten andere blijkbaar uit de aan onderhavige persmededeling gehechte bijlagen, waarvan de inhoud voor zichzelf spreekt.

Of het nu was voor de uitbreiding en renovatie van het bestaande stadhuiscomplex, dan wel voor een andere bestemming, feit was, is en blijft dat de stad Aalst een uitermate belangrijke en voor de bevolking lucratieve aankoop kon verrichten. Immers, de vooropgestelde aankoopprijs, rekening houdende met de contractuele zekerheid dat de Belgische Staat ook ná de aankoop nog gedurende jaren zware huurgelden aan de nieuwe eigenaar diende te betalen, zou zeker ondermaats en voordelig zijn geweest, hetgeen naderhand door de feiten werd bewezen.

Het stadsbestuur liet andermaal lukraak de kans voorbijgaan en liet het geschenk in handen van een speculant-aankoper die het ganse waardevolle complex (gebouwen en gronden) aldus kon en mocht aankopen tegen een prijs van slechts 7,8 miljoen euro, terwijl hij bij de aankoop de contractuele zekerheid kreeg dat de Belgische Staat hem nog minstens 4,5 miljoen euro voor drie jaren huur diende terug te betalen. Meer nog, toen stond reeds vast dat de verhuis van de federale administraties naar een nieuw complex zeker niet binnen de drie jaar na kwestieuze verkoop kon gebeuren, zodat de verhuurtermijn nogmaals met bijna drie jaar diende te worden verlengd, hetzij nogmaals inkomsten en bedrag van 4 à 5 miljoen euro. Als dit geen koopje is!

Het stadsbestuur heeft deze kans gewoon – de redenen hiertoe blijven blijkbaar strikt geheim – laten voorbijgaan, met alle gevolgen van dien. En nu, klap op de vuurpijl, komt rode schepen Casaer lukraak vertellen dat de stad het dossier van De Pupillen nog een kan wil geven. Meer nog, hij voegt er namens het CBS zelfs aan toe dat de vraagprijs van de koper-speculant tussen de 9 en 11 miljoen euro zou liggen. Een kleine rekensom : de makelaar koopt voor minder dan 8 miljoen, rijft achteraf meer uurgelden binnen als hij voor het pand heeft betaald en vraagt nu, amper enkele jaren later, miljoenen euro’s meer dan de toenmalige aankoopprijs.

 En dit alles wil het stadsbestuur nu nog eens onderzoeken. Diezelfde schepen voegt er ook nog aan toe dat een stadhuis op het Pupillencomplex niet minder dan 90 miljoen euro zou bedragen. Het is anderzijds ook wel een fabeltje als schepen Casaer, voorstander van een stadhuis op de site De Post, voorhoudt dat dergelijke inplanting “slechts” 20 à 25 miljoen euro zou kosten. Geloof me vrij, dergelijke infrastructuur zal finaal minstens 50 miljoen euro kosten, zonder dan nog te spreken van de intresten, die blijkbaar over 38 jaar zouden worden gespreid.

 De toenmalige burgemeester, Anny De Maght, heeft in de legislatuur 1984-1994 een uitzonderlijke mogelijkheid, namelijk de aankoop van de site Generale Bank langsheen de Kwalestrraat, gedwarsboomd en dit omwille van één reden, namelijk dat het dossier in het toenmalige schepen Bogaert werd aangebracht. Ok, gedane zaken nemen geen keer, maar de geschiedenis heeft ook haar rechten.

 Het vorige stadsbestuur heeft dan in de legislatuur 2000-2006 op haar beurt een andere unieke kans aan haar laten voorbijgaan, namelijk de lucratieve aankoop mét winst van het huidige Pupillencomplex. Om dan verder ook nog te zwijgen van andere verkwanselde kansen, zoals bijvoorbeeld de niet-aankoop van de vroeger zetel van de Kredietbank, eveneens rechtstreeks palende aan het huidige stadhuiscomplex.

 De vroede vaderen en moederen van de stad Aalst gaan zich eind april e.k. op de volgende gemeenteraad in hun wijsheid nog maar eens buigen over waar het nieuwe stadhuis van de stad Aalst zou moeten komen en niet in het minst tegen welke prijs, die per definitie door de belastingbetalende inwoners van de stad zal worden opgehoest. In elk geval, de stad Aalst heeft zelden model gestaan voor een beleid van de bonus pater familias, terwijl het in Aalst nu al sinds 1989 opeenvolgend een bona mater familias, hetgeen in de realiteit evenwel weinig verschil uitmaakt.

Older posts «